ZOEKEN

zondag 3 april 2011

Yoga en Brussel: Lezing

De menselijke maatschappij heeft me altijd mateloos geboeid. Hier zo’n dertig kilometer vandaan ligt een prachtige en kosmopolitische stad. Het kloppend hart van België en Europa: Brussel. Toen ik er tien jaar geleden journalistiek ging studeren, was ze een ware openbaring. Tal van musea en historische bezienswaardigheden wisselden elkaar af met panoramische uitzichten, parken, kronkelende straten en eindeloze boulevards. Ik hield ervan om tijdens vrije momenten rond te zwerven in Brussel en het multiculturele, dagdagelijkse leven van de verschillende wijken op te snuiven. Het werd een vertrouwde plaats waar ik een deel van mezelf  en de wereld probeerde te ontdekken.

Maar tegelijk ondervond ik toen dat Brussel ook een stad was met erg veel samenlevingsproblemen. Hoge werkloosheid onder de bevolking, tal van daklozen, veel criminaliteit en een gebrek aan goede huisvesting waren er slechts enkele. Voeg daarbij de aanhoudende taalstrubbelingen, de spanningen tussen de Brusselse leefgemeenschappen, het verval van de politieke macht en je krijgt als buitenstaander een niet zo fleurig beeld van de stad.

Onlangs las ik het boek ‘Sadhana of de realisatie van het leven’. Het werd geschreven door de Indiase schrijver Rabindranath Tagore. Hij leefde van 1861 tot 1941 en won als eerste Aziaat de Nobelprijs voor literatuur in 1913. Hij schreef vele filosofische en maatschappijkritische teksten waarin hij een voorkeur had voor het dagdagelijkse leven van de gewone man.

Verdeel en heers
‘Sadhana of de realisatie van het leven’, omvat een aantal lezingen die Tagore gaf aan zijn eigen studenten en later aan Harvard University. In één van de hoofdstukken heeft hij het over de relatie van het individu ten opzichte van het universum. Hij maakt hierin een vergelijking tussen het westen en India.

Tagore stelt dat de beschaving van Oud-Griekenland ontstond binnen stadsmuren. Die stadsmuren laten ook in moderne samenlevingen diepe sporen na in onze manier van denken. Het principe van verdeel en heers waarbij we onze veroveringen trachten te beschermen is weid verspreid.

We splitsen landen, godsdienst, talen, rassen, wetenschap, cultuur, mens en natuur. Het zorgt ervoor dat we achterdochtig zijn ten opzichte van alles wat zich achter onze verdedigingsmuren bevindt. Hierdoor is het erg moeilijk voor buitenstaanders om door deze barrières te breken.

Eén met de natuur
De Indische beschaving daarentegen ontstond volgens Tagore in de bossen. Daar was genoeg voedsel, water en natuurlijke bescherming. Zo ontstond er een harmonieuze band tussen mens en natuur. Later, toen India gecultiveerd raakte en er grote steden ontstonden, bleef men zijn inspiratie halen uit het simpele, harmonieuze leven dat de eerste stamgemeenschappen ambieerden.

Het westen lijkt er fier op te zijn dat het de natuur onder controle heeft. Alsof we in een vijandige wereld leven. In de stad kan de mens al zijn gedachten op een schijnbaar natuurlijke wijze richten op leven en werk. We beseffen daarbij niet dat de stad juist zorgt voor een verbreking tussen mens en natuur.

In India wordt de mens daarom als één geheel gezien met de natuur. Als onze omgeving vreemd voor ons zou zijn, hoe zouden we er dan mee kunnen communiceren? Het doel van de mens wordt er gelijkgesteld met dat van het universum.

In het westen wordt er echter een scheiding gemaakt tussen het leven van de mens en dat van de natuur. We onderscheiden enerzijds de mens en anderzijds het leven van de natuur dat zich openbaart via onder andere dieren, planten en bomen. Wanneer de mens zich evenwel buiten de natuur plaatst, ontstaat er een disharmonie. We proberen op allerlei artificiële manieren de balans te herstellen en falen telkens weer. Zo geven we uiteindelijk de maatschappij en de natuur de schuld van onze onvrede. De mens moet daarom volgens Tagore terug één worden en buiten zijn ommuringen treden. Alles wat hij nodig heeft, ligt er buiten.

Het leven is immens
Als in het westen het zelf over al het andere heerst, toont India daarin een andere visie. Daar ambieerde men geen wereldlijke macht. Er waren verschillende klasses, maar zelfs de koning keek op naar de rishi’s, de eigenlijke heersers. Zij die één geworden waren met het al. De verbinding met het al werd in India als ultieme doel van de mensheid beschouwd. Niet wereldlijk succes met al zijn zorgen en leed.

De kern of de kracht die in alles zit, zit ook in ons, de ziel. Totaal verenigd zijn in wetenschap, liefde, omgang met alle wezens en daardoor zichzelf realiseren in het al is de essentie van goedheid. Dat is het centrale thema van de Upanishads: Het leven is immens!

Deze eclectische boodschap tekende Rabindranath Tagore op aan het begin van de 20ste eeuw en wens ik eveneens toe aan alle inwoners van Brussel, Vlaanderen, Wallonië en de Belgische politiek.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen